Mensenmoe, of gewoon bubbeltijd nodig?
Haar waarheid
‘Ik hoef ook niks met die andere mensen.’
Mijn oma in het verzorgingstehuis. Ze leunt iets naar me toe terwijl ze me dit toevertrouwd. Haar lichtblauwe ogen hebben iets troebels. Alsof er mist voor hangt. Ze vertelt me dat ze prima alleen af kan, zij heeft ‘die andere mensen’ niet nodig. In haar blik bespeur ik een leegte, een lange tunnel die ik doorga, op zoek naar iets.
Haar pantser
In het huis van mijn opa en oma hing vroeger een bronzen plaat, met daarop een beeld van een moeder met kind. Het beeld had iets liefdevols en warms, het materiaal iets hards en kouds.
Dat beeld symboliseert hoe ik me mijn oma herinner: een warm bad, met zachtgekookte eitjes als ontbijt en roze nagellak voor mij, maar ook hard, ontkennend en afwijzend.
Permanent Mensenmoe?
Mijn oma voedde vier kinderen op in een afgelegen huis, met een man die vaak weg was voor zijn werk. Geen eigen baan, geen uitzicht op iets anders – want dat mocht niet in die tijd. Als ik me haar leven voorstel, geïsoleerd in een bronzen bubbel, zie ik hoe ze zich misschien wel heel gefrustreerd en alleen heeft gevoeld én permanent mensenmoe is geworden.
Ken je mij?
Ze blijft me aankijken, haar blik heeft ook iets zoekends.
Tranen prikken achter mijn ogen. Dan herken ik iets wat ik liever niet wil zien: hoe vaak wijs ik mijn eigen behoefte aan alleen zijn af?
Hoe vaak blijf ik te lang in gezelschap om iets te geven wat ik op dat moment zelf niet voel: verbinding.
Hoe vaak ben ik zelf niet ‘mensenmoe’, terwijl ik tegelijkertijd verlang naar verbinding met ‘die andere mensen’?
Bubbeltijd
Misschien deel ik met mijn oma wel een waarheid: verlangen naar alleen zijn, terwijl je diep vanbinnen zoekt naar verbinding. Die balans vinden, dat blijft een uitdaging.
Vanmorgen herinnerde ik me een tekening die ik maakte tijdens een online workshop die intuïtief tekenen verbindt met voelen, zelfinzicht en persoonlijke ontwikkeling. Ik herinner me een beeld dat ik maakte, een gevoel dat ik had.
Het gevoel was hoe ik me ook opgeladen kan voelen in het bijzijn van mijn vriendinnen. Hoe het voelt als een soort wederzijdse uitwisseling van energie. En dat vergeet ik ook zo vaak.
En was mijn oma dat niet ook een beetje vergeten? Hoe je je in gelijkwaardig gezelschap ook weer kunt opladen aan elkaar?
Een nieuw wapen?
Ik heb een idee. Ik ga dit weekend gewapend met mijn stiften de gezelligheid in. Zodat ik, als ik de behoefte voel, me al tekenend even terug kan trekken. Misschien helpt het om mijn eigen energie en de verbinding met mezelf te bewaken…
Een andere waarheid
Bijna vier jaar geleden overleed mijn oma. Misschien begrijp ik haar nu beter. Of misschien begrijp ik mezelf beter. En misschien voel ik me nu meer verbonden met haar dan ooit. Het begint allemaal met jezelf durven zien, bubbeltijd én verbinding omarmen. Misschien is dat wel waar echte verbinding begint?
Gewapend met mijn stiften ga ik dit weekend die balans zoeken – samen met mijn vriendinnen.

—
De tekening is van mijn oudste dochter die gisteren zo helder verbinding heeft verbeeldt.
Het metafoor van stift als wapen las ik bij Hester van der Kwaak, dankjewel voor dit inzicht.
Ik kijk ernaar uit om jullie vanavond allemaal weer te zien, lieve Ineke, Sytske, Martine, Mariëlle, Wies, Marlies, Jenine en Marike.
Geef een reactie